NL | EN | 中文

Koevoets Advocaten

Wet schuldsanering natuurlijke personen

> > Uitleg Wet Schuldsanering

Geschiedenis wet schuldsanering

Op 1 december 1998 is de Wet schuldsanering natuurlijke personen in werking getreden, de wet is per 1 januari 2008 grondig gewijzigd. In de Faillissementswet is de wettelijke schuldsaneringsregeling geregeld in de art. 284 en volgende Faillissementswet (Titel III).

De Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen – inmiddels ingeburgerd als ‘WSNP’ – is oorspronkelijk in het leven geroepen voor de groepen mensen die door de opeenstapeling van schulden in een letterlijk uitzichtloze situatie terecht zijn gekomen en daar zonder hulp niet meer aan kunnen ontkomen. De WSNP biedt de mogelijkheid om deze uitzichtloze situatie in een periode van 3 jaar te boven te komen.

De wijziging in 1998 had als doel om de toegang tot de regeling te beperken, niet iedereen kan “zomaar” een schuldsanering aanvragen. Het is de bedoeling dat enkel de schuldenaren die te goeder trouw zijn in het ontstaan van de schulden worden toegelaten. Een ander doel van de wettelijke schuldsaneringsregeling is om faillissementen van natuurlijke personen zo veel mogelijk te voorkomen/terug te dringen.

Wettelijke schuldsanering in het kort

Indien een schuldenaar wordt toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling moet hij zich (in beginsel) drie jaar lang houden aan de verplichtingen welke voortvloeien uit de schuldsaneringsregeling. De verplichtingen worden hierna nog nader uitgewerkt.

Als de schuldenaar succesvol de schuldsanering doorloopt, worden zijn saneerbare schulden kwijtgescholden en krijgt hij een ‘schone lei’. De saneerbare schulden kunnen dan niet meer worden verhaald op de schuldenaar, het staat de schuldenaar wel vrij om deze af te lossen. Schuldeisers zullen in veel gevallen niet zo blij zijn met een toelating tot de schuldsanering. Zij zullen in de meeste gevallen genoegen moeten nemen met een klein percentage van de oorspronkelijke vordering. Nadat de schuldenaar (‘saniet’) het WSNP-traject met goed gevolg heeft doorlopen en hij/zij heeft – als gevolg daarvan – een ‘schone lei’ gekregen, dan heeft geen van de schuldeisers nog een vorderingsrecht. Schuldeisers hebben geen andere keus dan het accepteren van het feit dat hun schuldenaar wordt toegelaten in de schuldsaneringsregeling.

Wie kan schuldsaneringsregeling aanvragen?

Een ieder in Nederland waarbij redelijkerwijs is te voorzien dat hij niet zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden of indien hij in de toestand verkeert dat hij heeft opgehouden te betalen, kan een aanvraag schuldhulpverlening/verzoek om toepassing van de schuldsaneringsregeling indienen.

Aanvraag schuldsaneringsregeling

Een schuldenaar kan om schuldhulpverlening vragen bij de plaatselijke Gemeente en/of de Kredietbank. Voorafgaand aan de aanvraag van de schuldsaneringsregeling wordt eerst een minnelijke regeling beproefd. Een minnelijke regeling houdt in dat alle schuldeisers door de schuldhulpverlener worden aangeschreven met de vraag of zij akkoord kunnen gaan met een betaling tegen finale kwijting.

Een minnelijke regeling duurt drie jaar. Een schuldenaar dient dan maandelijks een (nader vast te stellen) bedrag af te dragen en na drie jaar wordt het gespaarde bedrag naar rato verdeeld aan de schuldeisers. Hier dient rekening te worden gehouden met preferente en concurrente schuldeisers. Preferente schuldeisers krijgen namelijk het dubbele van de concurrente schuldeisers.

Aanvraag schuldsanering via rechtbank

Mochten de schuldeisers niet akkoord gaan met een minnelijke regeling, dan kan de wettelijke schuldsaneringsregeling worden aangevraagd bij de rechtbank. Het aanbieden van een minnelijke regeling (art. 285 Faillissementswet) is ook een vereiste om de wettelijke schuldsaneringsregeling aan te vragen, een aantal uitzonderingen daar gelaten.

De rechtbank behandelt het verzoek om toepassing van de schuldsaneringsregeling. Indien het verzoekschrift compleet is, wordt doorgaans een zitting bepaald. De aanvrager wordt dan ter zitting gehoord door een rechter. De rechter gaat dan vragen stellen over de financiële situatie van de schuldenaar.

Nadat de rechter de schuldenaar heeft gehoord kan de rechter ter plekke uitspraak doen dan wel een datum bepalen voor uitspraak. Normaliter duurt het een week voordat de schuldenaar hoort of hij wordt toegelaten tot de schuldsaneringsregeling. Indien de schuldenaar niet wordt toegelaten tot de schuldsaneringsregeling, kan hij binnen 8 dagen hoger beroep indienen bij het Gerechtshof. Het hoger beroepschrift moet worden ingediend door een advocaat.

Toelating schuldsaneringsregeling

De saniet (schuldenaar die is toegelaten tot de schuldsaneringsregeling) krijgt een bewindvoerder (voor in beginsel drie jaar) aangewezen indien hij wordt toegelaten tot de schuldsaneringsregeling. De bewindvoerder komt dan bij de saniet op huisbezoek om de gang van zaken te bespreken.

De saniet dient voor de duur van drie jaar te voldoen aan de: 1) afdrachtplicht, 2)sollicitatie-/arbeidsplicht en de 3) informatieplicht.

De afdrachtplicht houdt in dat de saniet maandelijks het bedrag boven het vrij te laten bedrag dient af te staan aan de boedelrekening. Het vrij te laten bedrag wordt bepaald door de bewindvoerder aan de hand van uw inkomsten/uitgaven.

Arbeidsplicht of sollicitatieplicht

De arbeidsplicht houdt in dat u voor ten minste 36 uur per week werkzaam moet zijn. Mocht het zo zijn dat de saniet niet voor 36 uur per week werkzaam is, dan dient hij (aanvullend) te solliciteren. De saniet dient maandelijks ten minste 4 sollicitaties over te leggen aan de bewindvoerder.

De informatieplicht houdt in dat de saniet gevraagd en ongevraagd informatie moet aanleveren aan de bewindvoerder. Dit kan gaan om een verzekeringspolis, huurspecificaties en salarisspecificaties. Ook indien er gebeurtenissen plaatsvinden die financiële gevolgen met zich meebrengen dan wel mee zouden kunnen brengen, moeten aan de bewindvoerder worden gemeld. NB: ook als een saniet op vakantie wenst te gaan, dient dit gemeld te worden aan de bewindvoerder.

Aanvullende verplichtingen zijn bijvoorbeeld dat de saniet geen strafbare feiten mag plegen en geen nieuwe schulden mag maken.